[Vorige: "Software voor genealogie (vervolg)"] [Volgende: "Tasje voor de Medion jukebox"]
09/03/2005: "De nieuwsgierige koolmezen"

De koolmees is op dit moment de meest voorkomende vogel in onze tuinen, blijkens het laatste SOVON tuinvogelonderzoek. Ook in onze tuin is hij waarschijnlijk wel de meest voorkomende gast. Ik zeg “waarschijnlijk” omdat de vergelijking met – met name - de huismussen niet zo eenvoudig is.
De koolmezen zijn eigenlijk de hele dag wel in de tuin aanwezig. Daardoor is hun precieze aantal niet zo goed vast te stellen, omdat we ze nu eenmaal niet stuk voor stuk herkennen. De huismussen daarentegen komen een paar keer per dag langs in een grote kolonie en verdwijnen weer na uitgebreid gefoerageerd te hebben. Dan kun je hun aantal aardig schatten.
De koolmezen doen het bij ons in de tuin uitstekend. Zoals ik in het eerste stukje van dit blog al heb gemeld, hebben ze bij ons in de nestkast gebroed, en zijn de jongen ook uitgevlogen. Of ze allemaal nog in leven zijn (en dus ontsnapt zijn aan de katten in de buurt) is niet goed na te gaan.
De koolmezen doen het waarschijnlijk zo goed, omdat ze ongelofelijk nieuwsgierig zijn. Zodra er een nieuw voederapparaat, of een nieuw soort voer in de tuin is, zijn de koolmezen er altijd als eerste bij.
En toen we onze “mussenflat” (in feite drie mussen-nestkasten boven elkaar) op een andere plaats gehangen hadden, was een koolmees de eerste (en tot dusverre de enige!) die de flats kwam inspecteren. Hij ging in alle drie de kasten een voor een naar binnen, en kwam pas geruime tijd later (na een grondige inspectie dus) weer naar buiten.
De koolmezen zijn niet alleen nieuwsgierig, maar ook dapper. Wanneer we in de tuin gaan zitten, gaan ze onverstoorbaar door met foerageren. De mussen willen dan meestal eerst vanuit een boom blijven kijken of het echt wel veilig is, maar de koolmezen storen zich nauwelijks aan ons. Wonderlijk genoeg heb ik een koolmees bij ons in de tuin alleen nog maar zien verjagen (emn alleen voor korte tijd) door de veel kleinere pimpelmees! Daar is hij blijkbaar om de een of andere reden een beetje bang voor.
Andere vogels die langzamerhand aan ons wennen, zijn de merels. Ik strooi iedere ochtend een beetje gemalen insect (of wat het ook precies is) voor de vaste merelbezoekers op de grond, en een van de mannetjes is al wat ion de tuin aan het rondlopen tegen de tijd waarop ik dat gewoonlijk doe. Hij vliegt nog wel even naar een boom wanneer het zover is, maar dan valt hij onmiddellijk op zijn lievelingskost aan.
Maar de koolmezen die, zoals gezegd, de hele dag in en rond te tuin aanwezig zijn spannen toch wel de kroon wat dapper en nieuwsgierig gedrag betreft. Een mooi getinte (dus al wat oudere) koolmees heeft bovendien de gewoonte om regelmatig op een tak vlak bij het raam te gaan staan, en dan de hele tuin uitgebreid rond te kijken. Daarbij kijkt hij dan ook uitgebreid naar binnen.
Het verwondert mij nu toch niet zoveel meer dat de koolmees de meest voorkomende tuinvogel in ons land is.
